Wie gelooft Verhofstadt nog?

Kameleon

Guy Verhofstadt heeft zich al een aantal keer opnieuw heruitgevonden. Een kameleon is er niets bij. Van donkerblauwe ‘Baby-Thatcher’, wat zijn bijnaam was in de jaren 80, via vooruitziend leider van een nieuwe conservatief-liberale Vlaamse partij tot links-liberale apologeet van een Europese eenheidsstaat. De ruimte hier laat niet toe het bochtig parcours van de oud-premier te schetsen, maar ik verneem in de Nederlandse pers en op de sociale media dat hij ondertussen ook ruim bekend is – minder bemind – boven de Moerdijk.

Guy Verhofstadt heeft zich al een aantal keer opnieuw heruitgevonden. Een kameleon is er niets bij. Van donkerblauwe ‘Baby-Thatcher’, wat zijn bijnaam was in de jaren 80, via vooruitziend leider van een nieuwe conservatief-liberale Vlaamse partij tot links-liberale apologeet van een Europese eenheidsstaat

Toen hij in de jaren 80 minister van Begroting was in het vorige centrumrechtse kabinet dat België kende – sinds 1988 maakten de socialisten deel uit van de Belgische regering, tot 2014 – stond hij dus bekend als ‘Baby-Thatcher’. Hij hield de knip op de beurs, voerde een austerity-beleid avant la lettre en was niet te vermurwen. Hayek was zijn grote idool. Net als Thatcher joeg hij de vakbonden in het harnas. Ze bestreden hem te vuur en te zwaard. Verhofstadt werd de risée in een politieke strip, waar hij ‘Verafstoot’ werd genoemd. Tot voor een paar jaar stond op een muur achter de zoo in Antwerpen nog geschilderd: ‘Verafstoot, dwaze kloot, gij maakt onze toekomst dood’.

De vakbonden wisten Verafstoot uit zijn zetel te lichten in 1987. Hij verdween dan in de woestijn om, helemaal verveld, in 1992 terug te keren en een nieuwe partij op te richten die liberalen, conservatieven en Vlaams-nationalisten verzamelde, de VLD, Vlaamse Liberalen en Democraten. Baseline: Partij van de Burger. Hij trachte zelfs Gerolf Annemans op te vrijen, maar die liet zich niet verleiden.

Ook in de ideologische boekjes die hij toen aan de lopende band schreef – of liever, liet schrijven – omarmde hij met overtuiging het Vlaams-nationalisme. Eén van die boekjes heet De Belgische ziekte. In de verkiezingscampagne van 1999 viel het woord ‘België’ niet, om nationalisten toch maar niet voor het hoofd te stoten.

Zo vriendelijk was hij toen voor (Vlaams-)nationalisten. Maar in de 21e eeuw keerde hij zijn kar. Hij werd premier, vervolgens voorzitter van de liberale ALDE-fractie in het Europees Parlement. Europa was de toekomst. Natiestaten het verleden. De Verenigde Staten van Europa zijn utopie. Er is meer vreugde in de hemel voor één bekeerling dan voor 99 zondaars …

‘Nationalisme is oorlog’

Zijn nieuwe afkeer voor ‘benepen nationalisme’ en natiestaten vertolkte hij in 2010 in een lang opiniestuk in de krant De Standaard – toen nog onder leiding van Peter Vandermeersch – het volgende over nationale identiteit: ‘de uiterste consequentie van het identiteitsdenken (zijn) de gaskamers van Auschwitz’. Hij werd voor deze uitspraken, die hij sindsdien wat graag herhaalt, zwaar op de korrel genomen.

Zijn nieuwe afkeer voor ‘benepen nationalisme’ en natiestaten vertolkte hij in 2010 in een lang opiniestuk in de krant De Standaard – toen nog onder leiding van Peter Vandermeersch – het volgende over nationale identiteit: ‘de uiterste consequentie van het identiteitsdenken (zijn) de gaskamers van Auschwitz’

Ondanks zijn hevige antinationalistische uitspraken – tot in Le Monde en uiteraard het Europees Parlement toe – was hij de eerste om in 2014 de hand uit te steken naar nationalistische partijen om zijn liberale fractie ALDE te versterken.

Erop gebeten de derde grootste fractie te blijven, na de Europese Volkspartij en de sociaaldemocraten, hengelde hij de verkiezingen in elk land naar extra zieltjes. Als een ware missionaris, dus christelijk én vergevingsgezind. Plots plaatste hij selfies op de sociale media met de lijsttrekker van de centrumrechtse Catalaanse nationalisten van de CDC. Hij ging zelfs op de foto met de Catalaanse minister-president die er zo op uit is om Catalonië los te wrikken uit Spanje, middels een referendum (dat hij niet mocht organiseren) of ‘constitutionele’ verkiezingen. De Catalaanse separatisten waren al even welkom als de conservatieve Baskisch-nationalistische PNV. En zélfs de Vlaams-nationalisten van de N-VA waren plots welkom, al lust hij Bart De Wever rauw. (Overigens: Verhofstadt heeft altijd geweigerd om met De Wever publiek in debat te gaan, maar dat terzijde.)

Ook vandaag, na het brexit-referendum, is Verhofstadt de eerste om de hand uit te steken naar de separatistische Schotten. Toen die in september 2014 een onafhankelijkheidsreferendum organiseerden, waarschuwde de hele EU-elite dat Schotland er niet moest aan denken om aan de Europese poort te komen kloppen. Stoute separatisten moeten boeten.

Nu de Britten voor brexit kozen, en de Schotten opnieuw dreigen met een onafhankelijkheidsreferendum, in de hoop zo snel (opnieuw) aansluiting te kunnen vinden bij de EU, was de liberale fractieleider de eerste om de Schotten in zijn armen te sluiten. Hij nodigde Schots eerste minister Nicola Sturgeon zelfs via twitter uit voor een gesprek. Die wil daar zelfs op ingaan. Iemand moet haar waarschuwen voor de gehaaide Savonarola van het Europese liberalisme.

Nu de Britten voor brexit kozen, en de Schotten opnieuw dreigen met een onafhankelijkheidsreferendum, in de hoop zo snel (opnieuw) aansluiting te kunnen vinden bij de EU, was de liberale fractieleider de eerste om de Schotten in zijn armen te sluiten

Of Verhofstadt daarmee terug aansluiting vindt bij zijn jongere ik uit de jaren 90? Neen. Het is hem enkel te doen om de macht. Als de Tories straks het Europees Parlement verlaten, is zijn fractie plots weer groter dan de Europese Conservatieven en Hervormers. En vooral: de Schotten zijn eurofielen, en kunnen een rol spelen in het realiseren van de ever closer union, Verhofstadts grote natte droom. Alleen … wie gelooft Verhofstadt nog?