Vlaamse extremisten

Toen in 1830 de Zuidelijke Nederlanden onafhankelijk werden en als ‘België’ verder door het leven gingen, was Brussel nog in grote mate een Nederlandstalige stad. Tot voor Napoleon was het zelfs enkel de hoogste adellijke en burgerlijke klasse die Franstalig was. Met het Franse bestuur sinds 1795 nam de verfransing met snel tempo toe. Bestuur en beleid werden eentalig Frans. Pas met de vastlegging van de taalgrens in 1963 werd Brussel officieel tweetalig, Wallonië ééntalig Frans en Vlaanderen ééntalig Nederlands. Wie zegt dat België tweetalig is, heeft het dus bij het verkeerde eind. Over de vandaag ca. 75.000 inwoners van de Duitse Gemeenschap in het oosten van Wallonië wil ik het nog niet hebben.

Tweelandenland

Na de Tweede Wereldoorlog werd België getekend door repressie en de Koningskwestie. Toen vielen de grote politieke en maatschappelijke breuklijnen samen. Vlaanderen bleek sociaaleconomisch rechts, gelovig katholiek; Franstalig België was sociaaleconomisch links en ongelovig, socialistisch. Toen alle breuklijnen samenvielen, dreigde het land uit elkaar te vallen. Koning Leopold III, die zoete broodjes wou bakken met Hitler, zette een stap terug, en zijn piepjonge zoon Boudewijn besteeg de troon. Was dat niet gebeurd, België had vandaag niet meer bestaan.

Vanaf dan zijn de geesten verder uit elkaar gegroeid. Ik maak er een karikatuur van, moet wel, in de 5000 toegementen tekens. In feite begon het vroeger al, met de strijd om het algemeen enkelvoudig stemrecht voor mannen. Toen al bleken Vlaanderen en Franstalig België uit elkaar te groeien. Toen al dreigde het gevaar van de twee democratieën die elk hun eigen weg kozen, sociaaleconomisch en politiek-cultureel. De splitsing van de politieke partijen – álle partijen – de rechtstreekse verkiezingen van de deelstaatparlementen … versnelden het proces.

Brussel 19

En Brussel? Brussel werd op vandaag door aanhangers van de ‘nieuwe belgitude’, zoals Groen-Kamerlid Kristof Calvo dat noemt, geroemd als een bastaardzoon van de twee culturen. Een tweetalige stad, en een tweetalig gewest uit 19 gemeenten. (En zes politiezones, want u leest de pers, en vernam ongetwijfeld dat die versnippering mee aan de basis ligt van de weinig efficiënte manier waarop moslimradicalen en –terroristen werden gevolgd, of beter: niet gevolgd of vervolgd.)

Brussel is immers een gewest bestaande uit 19 gemeenten. Dat gewest heeft autonomie, net als Vlaanderen en Wallonië. En een minister-president. Maar binnen dat Brussels Gewest, is er één gemeente die óók Brussel heet. De kernstad, die doorheen de 20e eeuw uitgroeide tot een grootstad, waar kleinzielige belangen ervoor zorgden dat Franstalige burgemeesters de lakens onder elkaar verdeelden, in plaats van samen een heus stadsgewest uit te bouwen.

Vele van die burgemeesters bevoordeelden de groep Franstalige kiezers, die in de loop van de jaren steeds groter werd. Vlamingen – vandaag misschien 12 tot 15 % van de inwoners – werden stiefmoederlijk behandeld. Sinds het migrantenstemrecht in 199x liggen burgemeesters meer wakker van ‘allochtone’ kiezers dan van Vlaamse kiezers in Brussel.

Sale flamin

Dat beleid zorgde ervoor dat een uitgesproken linkse socialistische burgemeester van Brussel, Yvan Mayeur, nu in opspraak is gekomen. Hij verklaarde net niet dat de schuld van de aanslagen in en om Brussel vorige week, de schuld zijn van de N-VA. Die partij – de grootste van het land – is in zijn ogen rechts-nationalistisch. Waarmee hij geen klein loopje nam met de waarheid.

Mayeur is woedend omdat Fayçal Cheffou, de Brusselaar van Marokkaanse afkomst die verdacht werd van de aanslag in Zaventem, is vrijgelaten wegens geen bewijzen tegen hem. Daarnaast is hij verontwaardigd over de 450 voetbalhooligans die zondag naar het Beursplein kwamen in het centrum van ‘zijn’ stad. Dat laatste feit haalde nogal veel – verontwaardigde – internationale pers. De burgemeester legt de verantwoordelijkheid daarvoor bij Hans Bonte (sp.a), de burgemeester van Vilvoorde, en minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA). ‘Jambon staat politiek dicht bij de hooligans. Hij heeft het laten gebeuren.’ En ook: ‘Het is Vlaanderen dat Brussel is komen bevuilen met zijn extremisten.’ Niet alle Vlamingen zijn extremisten, verbeterde hij zich. Waarmee hij impliceerde dat ‘die van de N-VA’ dat wel zijn.

De Brusselse burgemeester ligt al langer op ramkoers met de N-VA. Zijn uitspraken nu, in de Franstalige pers en op de Franse radio, schiet de publieke opinie in het verkeerde keelgat. Nog geen week na de aanslagen in en om Brussel wordt een zondebok gezocht, en het hele verhaal ‘gecommunautariseerd’. Mayeur noemde zijn sociaaldemocratische collega burgemeester Bonte en zijn voogdijminister Jambon nog net geen ‘sale Flamins’ – het koosnaampje dat Vlamingen gedurende decennia droegen in Brussel. Mocht hij het gedaan hebben, hij zou zich nog meer vijanden maken in Vlaanderen en Vlaams Brussel, ook in progressieve middens. Mocht hij het gedaan hebben, hij zou er zich populairder gemaakt hebben in Frans  en allochtoon Brussel. Want de geesten blijven gescheiden, en dreigen – ondanks de vele tricolore vlaggen bij de herdenkingen van de manifestaties – nog verder uit elkaar te groeien.